Menu

Lineke Pelleboer

LINEKE PELLEBOER, AD-INTERIM PROJECTMANAGER VAN DE AFDELING TRENDING BIJ SANQUIN

Ze is nog maar 32, maar laat dat je niet op het verkeerde been zetten: biotechnoloog Lineke Pelleboer heeft al bij vijf verschillende werkgevers gewerkt. Haar droombaan: flying doctor voor defecte fabrieken.

Curriculum Vitaefoto lineke pelleboer bewerkt

  • Naam: Lineke Pelleboer
  • Leeftijd 32
  • Woonplaats: Utrecht
  • Huwelijkse Staat: Samenwonend
  • Kinderen: Geen
  • Opleidingen:
    – Mavo (IJsselmuiden)
    – Havo (Kampen)
    – Mbo voedingstechnologie (Leeuwarden)
    – Hbo biotechnologie (Groningen)
    – Postbachelor bedrijfskunde (Amsterdam)
    – Green Belt Lean Six Sigma.
  • Nevenactiviteiten: Zat jarenlang in het bestuur van de KNCV, maar haar termijn is net verlopen. Lineke is daarom op zoek naar een uitdagende bestuursfunctie.
  • Werkgevers: Lineke startte in 2006 als trainee bij Checkmark Labrecruitment en kwam zo bij DSM, Abbott Biologicals en Janssen Biologics. Bij die laatste bleef zij werken als shift supervisor. Sinds 2014 werkt Lineke namens Progress-PME bij Sanquin als ad-interim-hoofd van de afdeling trending.

Wie is Lineke Pelleboer naast haar werk?
Lineke zegt altijd heel stoer dat ze sport, maar verder dan een abonnement bij de sportschool gaat dat niet. Ze leest graag vakliteratuur (“Nu lijk ik wel erg werkverslaafd, hè?”), gaat regelmatig uit eten (“ik zie koken vooral als tool om lekker te eten, dus dat outsource ik graag.”) en zit vaak in het theater. Daarnaast reist ze veel: van weekenden weg tot een zomervakantie van drie weken in een ver, tropisch oord.

Wie ben je, waar werk je en wat is je functienaam?
Ik ben Lineke Pelleboer en werk sinds begin dit jaar als projectmanager bij bedrijven in de biotechnologie en farma via het consultancy- en detacheringsbureau Progress-PME.
Mijn eerste project is bij Sanquin als ad-interim-hoofd van de afdeling trending. En dat is heel erg leuk! Sanquin Plasmadivisie maakt geneesmiddelen uit bloedplasma door de eiwitten die in het plasma voorkomen te scheiden. Mijn afdeling kijkt op verschillende punten of het productieproces nog goed is.
Plasma is biologisch materiaal dat uit een mens komt, dus het vertoont nooit een constante lijn.
Via statistische analyses monitort mijn afdeling de variatie in het proces. Wijkt het af, dan geven we dat door aan de verantwoordelijke afdeling, die kijkt waar de afwijking door veroorzaakt wordt.
Is het nodig, dan kunnen we ook actie ondernemen. Mijn afdeling bestaat uit vijf academici die allen hun eigen producten monitoren. Als leidinggevende zorg ik ervoor dat zij hun werk goed kunnen uitvoeren.

Wat vertel je tegen een kind als dat vraagt wat voor werk je doet?
Ik heb toevallig net een familiefeestje gehad, dus ik heb mijn uitleg al uitgeprobeerd (lacht).
Ik help bij het maken van medicijnen die onder andere werken tegen een ziekte waarbij je bloed niet goed kan stollen, hemofilie. Normaal krijg je een korstje op een wond als je je stoot.
Maar mensen met hemofilie krijgen geen korstje, waardoor de wond langer blijft bloeden.
Ook krijg je heel veel blauwe plekken. Dat is heel gevaarlijk. Daarom halen we uit bloed dat door gezonde mensen gedoneerd is de stoffen waarmee we een medicijn maken. Mijn rol daarbij is om te controleren dat de kwaliteit van de medicijnen zo goed is dat deze veilig het lichaam ingespoten kunnen worden.

Hoe ben je in deze baan terechtgekomen?
Ik heb echt een héél erg lange route afgelegd, waarbij mijn dyslexie een rode draad vormt.
Op de lagere school had ik havo/vwo-advies, maar ik ging naar de mavo. Ik kom nu eenmaal van een behoudende plattelandsgemeenschap. De mavo heb ik makkelijk gehaald en de havo daarna ook. Daarna volgde mbo voedingstechnologie in Leeuwarden. Daar koos ik voor omdat ik van een boerderij afkom. Wij produceren melk en ik was benieuwd wat er met de melk gebeurt nadat het van ons erf afgaat.
Ook heb ik erover gedacht om de boerderij van mijn vader over te nemen, dus dan is een agrarische studie handig. Maar toen ik eenmaal in de stad ging wonen, realiseerde ik me dat ik op een boerderij te eenzaam zou worden. Op de boerderij heb ik te veel koeien en te weinig mensen om me heen. Ik word gelukkig van mensen. Ook vond ik wat ik tijdens mijn studie deed leuker dan het werk op de boerderij.
Ik ben mijn carrière gestart met een traineeship voor high potentials bij het recruitmentbureau Checkmark, waarin ik in drie jaar drie bedrijven aandeed. Dat past heel goed bij mij, de diversiteit, het brede scala van onderzoek en de kans om verschillende bedrijven van binnen te zien.
Ik begon bij DSM als technician, toen ging ik naar Abbott Laboratories als bioprocess developer, en bij Janssen Pharmaceutica werkte ik als engineer.
Hierna ben ik bij Janssen gebleven op de afdeling productie: eerst als teamleader met veertien mensen onder me en toen als shift supervisor voor de gehele procesvoortgang en productieplanning. Vooral vanwege de onregelmatige dag- en nachtdiensten bij Janssen heb ik na 3,5 jaar de overstap gemaakt naar Progress-PME. Bovendien was ik toe aan een nieuwe stap.
Dat heb ik al snel.

Wat vind je zo leuk aan wat je doet?
Doordat ik voor Progress- PME steeds nieuwe opdrachten doe, kan ik mezelf constant verbeteren en ontwikkelen. Dat is belangrijk voor mij. Daarom ben ik nu ook bezig voor mijn Black Belt van Lean Six Sigma. Stilstand is achteruitgang, zeker weten.

Op welke eigen prestatie ben je het meest trots?
Bij Janssen Biologics heb ik samen met collega’s een jongerenvereniging opgezet. Want waar ik in de techniek écht het verschil kan maken, dat is in het organisatorische. De rode draad door mijn kleine carrière heen is het verbinden van mensen. Dat deed ik eerder ook al door in mijn studententijd een studievereniging op te richten en in het bestuur van de KNCV te zitten.
Ik vind dat mensen uit een vakgebied met elkaar verbonden moeten worden. Die verbinding zorgt ervoor dat je samen tot nieuwe ideeën komt. Waar ik persoonlijk trots op ben, is dat ik mijn Green Belt van Lean Six Sigma heb gehaald voor de optimalisatie van processen. Daarnaast ben ik bezig met mijn Black Belt. Ik vind dat zo’n mooie techniek! Het is geen hogere wiskunde, maar gewoon logisch boerenverstand. En het is visueel, iets waar ik als dyslectica op ben ingesteld.

Wat drijft je in je werk?
Ik ben bang dat het als een cliché klinkt, maar ik ben er trots op dat ik een bijdrage lever aan het maken van medicijnen en zo de wereld kan verbeteren. Ik reis veel en vraag me altijd af waarom er zo veel ongelijkheid in de wereld is. Ik dacht eerst dat ik naar Ghana moest om kindertjes te helpen. Tijdens mijn studie heb ik daar twee maanden vrijwilligerswerk gedaan, maar ik merkte dat ik daar geen meerwaarde kan creëren. Bij het maken van medicijnen, wat ik ook heel leuk vind, merk ik dat ik iets toevoeg. Een efficiënte vorm van idealisme dus!

Wat levert je werk je op?
Ik verdien goed. Maar dat is niet de reden dat ik doe wat ik doe. Mijn werk levert namelijk vooral veel energie op. Ik kijk uit naar morgen, want er is voldoende te doen. Ik heb ook altijd gezocht naar werk dat me energie oplevert. Dat moet ook wel, want ik vind werk belangrijk. Andere mensen worden juist gelukkig als ze in hun moestuin zijn, ik word gelukkig van het werk dat ik doe.
Ik word door mijn werk ook een rijker mens. Dat lukt doordat ik mezelf uitdaag en me laat uitdagen.

Aan welke ‘normale’  producten lever jij een  bijdrage?
Aan best veel! Ik ben betrokken bij alle geneesmiddelen die Sanquin maakt. Uit 309 duizend kilo plasma produceren we elf medicijnen voor meer dan honderd aandoeningen. Die middelen zijn bijvoorbeeld voor patiënten met hemofilie, maar we maken ook medicijnen voor mensen met afweerstoornissen. En wat ook een mooie is, is het plasma dat we maken voor mensen met massaal bloedverlies, bloedvergiftiging of brandwonden. Voor die urgente toestand waarbij de weefseldoorstroming slecht is, bieden wij een antwoord.

Wat zou je nóg liever doen dan wat je nu doet?
Reizen! Meer van de wereld zien! Ik zou dat het liefst willen combineren met werk. Reizen klinkt heel leuk, maar ik kan niet zonder doel een beetje rondlopen. Ik zou wel een flying doctor voor de troubleshooting bij fabrieken willen zijn. Dat er een probleem is met een fabriek in India en dat iemand zegt: kom, laten we Lineke overvliegen. Maar ik zit nu goed bij Progress-PME.
Ik kan mijn rugzakje op een effectieve manier vullen en verschillende facetten van de farma zien.
Ik zal hier alleen niet tot mijn pensioen blijven.

Hoe zie je jezelf over tien jaar?
Ik vind het gevaarlijk om heel erg grote uitspraken te doen, maar ik zou graag plantmanager willen worden van een productiefaciliteit in de farma of in de voeding. Ik wil sowieso generiek gaan, waarbij ik de achtergrond die ik nu opbouw met me meeneem. En heel ver daarna, als ik met pensioen ben, wil ik in een paar raden van toezicht (lacht). Dat is altijd mijn ideaal geweest,
de kennis die ik heb opgebouwd doorgeven aan anderen.

Kijk ook eens op onze andere websites:

mijnscheikunde

sciencespace

natuurkundenl